Lonely Planet bracht deze week de Best in Travel 2027-lijst naar buiten en de reiswereld praat er alweer over. Vijftig bestemmingen en ervaringen, verdeeld over zes regio's, en opvallend weinig van de gebruikelijke verdachten. Geen Bali, geen Barcelona, geen Lissabon. In plaats daarvan kiezen de redacteuren voor plekken die de meeste Nederlandse reizigers nog nooit op hun lijst hadden staan.
Dat is precies waarom deze lijst de moeite waard is. Lonely Planet heeft een behoorlijk trackrecord: bestemmingen die eerder op de lijst stonden, zagen daarna vaak een flinke stijging in bezoekersaantallen. Wie nu alvast weet waar de aandacht naartoe gaat, boekt goedkoper en mist de drukte die een jaar later ontstaat. Wij zetten de opvallendste keuzes op een rij.
Oman is de stille sterspeler van de lijst
Waar de meeste reizigers bij het Midden-Oosten aan Dubai of Abu Dhabi denken, plaatst Lonely Planet Oman nadrukkelijk in de schijnwerpers. Het land combineert woestijnlandschap met een kustlijn van meer dan 3000 kilometer, en de historische stad Nizwa geldt als een van de hoogtepunten. De Nizwa Souq en de vrijdagochtend-geitenmarkt zijn nog altijd authentiek, zonder de massatoerisme die vergelijkbare markten elders al hebben overspoeld.
Wat Oman extra aantrekkelijk maakt, is de rust. Waar Marokko en Egypte de laatste jaren steeds drukker worden, ligt Oman nog grotendeels open. Fort Nizwa, de canyons van het Hajargebergte en de duinen bij Wahiba Sands zijn te combineren in een reis van twee weken zonder dat je ergens in de rij hoeft te staan.
Nederlanders reizen doorgaans via Doha of Dubai naar Muscat, en dat scheelt een tussenstop meer dan naar veel andere bestemmingen in de regio. Een visum regel je online in een paar minuten, en het land geldt al jaren als een van de veiligste in de regio om zelf rond te rijden. Precies dat maakt Oman aantrekkelijker dan een georganiseerde reis: met een huurauto kom je bij canyons en oases waar geen enkele bus komt.
Chengdu en Gujarat zetten Azië op scherp
Azië levert dit jaar vijf plekken op de lijst, en opvallend genoeg staat geen van de gebruikelijke hoofdsteden erbij. Chengdu, in de Chinese provincie Sichuan, groeit uit tot een van de snelst veranderende steden van het land. Bekend om zijn pandareservaat en pittige keuken, maar volgens Lonely Planet nu ook de moeite waard vanwege een bruisende kunstscene en een metronetwerk dat de stad ineens heel toegankelijk maakt.
In India valt de keuze op Gujarat, een staat waar zoutvlaktes, tempelsteden en de kust van de Arabische Zee samenkomen. Het is ook een van de weinige plekken ter wereld waar je in het wild nog Aziatische leeuwen kunt spotten, in het Gir-nationaalpark. Ook Okinawa in Japan haalde de lijst, wat niet gek is: Japan trekt sowieso al recordaantallen bezoekers, en de zuidelijke eilanden bieden een rustiger alternatief voor de drukte in Tokio en Kyoto.
Montserrat en Nicaragua laten het Caribisch gebied opnieuw ontdekken
Ook het Caribisch gebied krijgt aandacht, maar niet via de bekende namen als Aruba of Curaçao. Montserrat, een klein vulkanisch eiland waar een groot deel van de bevolking na de uitbarsting van 1995 vertrok, bouwt inmiddels rustig een toeristische infrastructuur op rond de nog altijd actieve Soufrière Hills-vulkaan. Wie van avontuurlijke, kleinschalige reizen houdt, vindt hier iets wat op de grotere eilanden allang is verdwenen.
Verderop in Midden-Amerika valt Granada in Nicaragua op, met zijn Spaans-koloniale architectuur en neoklassieke gevels rond het centrale plein. Het stadje profiteert van een groeiende belangstelling voor bestemmingen die decennialang aan de zijlijn stonden vanwege een onterecht slecht imago. Vergelijk het met wat er de afgelopen jaren met Georgië gebeurde: eerst genegeerd, toen ineens overal in de reisbladen.
Amerika verrast met Maryland in plaats van de gebruikelijke steden
Van de zeven Amerikaanse plekken op de lijst is Maryland misschien wel de grootste verrassing. Geen New York, geen Californië, maar een staat die vooral bekendstaat om de Chesapeake Bay, koloniale havenstadjes en verse krab op elk menu. Ook de kustlijn van Noord-Californië met zijn eeuwenoude sequoia's, sommige bomen ruim honderd meter hoog, staat op de lijst.
De keuze past bij een trend die je steeds vaker ziet: reizigers mijden de grote steden en zoeken bewust naar plekken zonder de gebruikelijke massa. Dat sluit aan bij wat wij eerder al schreven over bewust langzamer reizen. Minder vinkjes afvinken, meer tijd op één plek doorbrengen.
Wat je hiermee kunt doen voordat iedereen het ontdekt
Het interessante aan zo'n lijst is niet alleen wélke plekken erop staan, maar wat er daarna gebeurt. Bestemmingen die eerder door Lonely Planet werden uitgeroepen, zagen binnen een jaar vaak dubbele boekingscijfers en stijgende vluchtprijzen. Wie nu alvast Oman, Chengdu of Montserrat op de planning zet, reist waarschijnlijk goedkoper en rustiger dan wie over een jaar hetzelfde besluit neemt.
Praktisch gezien: vluchten naar Oman en Chengdu boek je het beste minstens vier maanden vooraf, omdat de directe verbindingen vanuit Nederland beperkt zijn. Voor Montserrat en Granada geldt het tegenovergestelde. Die bestemmingen hebben nog geen grote drukte, dus daar kun je juist wat later boeken zonder dat de prijzen meteen oplopen. Het echte voordeel zit hem er niet in dat je een vinkje op een lijst achterna reist, maar dat je nu nog ergens komt voordat de rest van de wereld hetzelfde idee krijgt.